Een bestemmingsplan kan voorzien in een regeling waarin aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid wordt toegekend om, met inachtneming van bij het plan te stellen voorwaarden, toe te staan dat voorzieningen voor de opslag van mest en veevoer niet binnen maar direct aansluitend op het in een bestemmingsplan aangewezen agrarisch bouwperceel worden gerealiseerd.
Artikel 2