Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 27.4

Afwijken van de bouwregels

Onderdeel van De beheersverordening buitengebied van de gemeente De Wolden

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: - het bebouwingsbeeld; - de woonsituatie; - de verkeersveiligheid; - de sociale veiligheid; - de milieusituatie; - de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; - de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. lid 27.2 sub a onder 3 en toestaan dat de oppervlakte van een hoofdgebouw wordt vergroot tot ten hoogste 200 m², mits: 1. de gezamenlijke oppervlakte van hoofdgebouw, aan-, uitbouwen en bijgebouwen niet meer bedraagt dan 300 m²; 2. aangesloten wordt op de bestaande hoofdvorm van het hoofdgebouw; b. lid 27.2 sub a onder 4 en toestaan dat de afstand van een gebouw tot de perceelgrens wordt verkleind; c. lid 27.2 sub a onder 5 en toestaan dat de goothoogte van een hoofdgebouw wordt vergroot tot 5,5 m; d. lid 27.2 sub b onder 10 en toestaan dat de dakhelling van aan- en uitbouwen wordt verlaagd tot 0º; e. lid 27.2 sub a onder 6 en sub b onder 10 en toestaan dat de dakhelling van hoofdgebouw en/of aan- en uitbouwen en bijgebouwen wordt verhoogd tot 80°; f. lid 27.2 sub b onder 2 en toestaan dat de afstand van een vrijstaand bijgebouw tot het hoofdgebouw wordt vergroot, mits: 1. de afstand van 25 m niet realiseerbaar is als gevolg van een specifieke erfsituatie in relatie tot bestaande (karakteristieke) bijgebouwen en/of aanwezige erfbeplanting, dan wel indien de vergroting leidt tot een landschappelijk aanvaardbaardere situatie; g. lid 27.2 sub b onder 3 en 4 en toestaan dat de gezamenlijke oppervlakte van de aanen uitbouwen en bijgebouwen bij een hoofdgebouw wordt vergroot tot ten hoogste 200 m², mits: 1. de vergroting plaatsvindt op een bouwperceel waarvan de oppervlakte ten minste 5.000 m² bedraagt; 2. de erfinrichting en bebouwing voldoen aan de uitgangspunten van erfinrichting zoals beschreven in hoofdstuk 2 en 3 van het Landschapsontwikkelingskader, dat door de gemeenteraad van De Wolden is vastgesteld op 29 november 2012; h. lid 27.2 sub b onder 3 en 4 en toestaan dat, indien reeds 200 m² of meer aan aan- en uitbouwen en bijgebouwen aanwezig is, maar minder dan 500 m², een per bouwperceel eenmalige vervangende bouw en/of verbouw van aan- en uitbouwen en bijgebouwen mag plaatsvinden tot een maximum oppervlak van 50% van het oppervlak aan aan- en uitbouwen en bijgebouwen boven de 200 m², met dien verstande dat over de oppervlakte van de als karakteristiek aangewezen aan- en uitbouwen en bijgebouwen geen reductie van toepassing is; i. lid 27.2 sub b onder 3 en 4 en toestaan dat, indien reeds meer dan 500 m² aan aan- en uitbouwen en bijgebouwen aanwezig is, een per bouwperceel eenmalige vervangende bouw en/of verbouw van aan- en uitbouwen en bijgebouwen mag plaatsvinden tot een maximum oppervlak van 20% van het oppervlak aan aan- en uitbouwen en bijgebouwen boven de 500 m², met dien verstande dat over de oppervlakte van de als karakteristiek aangewezen aan- en uitbouwen en bijgebouwen geen reductie van toepassing is; j. lid 27.2 sub e onder 3 en toestaan dat de oppervlakte van een groepsaccommodatie wordt vergroot tot ten hoogste 750 m2.

Rechtspraak bij dit artikel