Naar hoofdinhoud

Artikel 26

Hoorzitting

Onderdeel van Verordening behandeling klachten gemeente Dinkelland 2004

1.. De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de zitting, waarbij de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft in de gelegenheid worden gesteld zich in elkaars aanwezigheid door de ombudskamer te doen horen; 2.. Van het horen van de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft in elkaars aanwezigheid kan worden afgezien, indien de klager heeft verklaard daaraan geen behoefte te hebben; 3.. De ombudskamer kan, indien hij zulks ter beoordeling van een klacht noodzakelijk acht, ook anderen in de gelegenheid stellen van een klacht kennis te nemen en daaromtrent een oordeel te geven.

Rechtspraak bij dit artikel