**1..** Ieder raadslid kan aan de burgemeester of aan het college
schriftelijk vragen stellen over onderwerpen, behorend tot het
dagelijks bestuur van de gemeente.
**2..** De vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen
kunnen van een toelichting worden voorzien.
**3..** De vragen worden bij de voorzitter van de Procedurecommissie
ingediend. Deze draagt er zorg voor, dat de vragen terstond in
afschrift aan de raadsleden, de fractievolgers, de burgemeester
en de wethouders worden toegezonden.
**4..** Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
ieder geval binnen vier weken, nadat de vragen zijn
binnengekomen. Indien beantwoording niet binnen deze termijnen
kan plaatsvinden, krijgt de vragensteller daarvan gemotiveerd
schriftelijk bericht van de burgemeester dan wel het college,
waarbij aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal
plaats vinden.
**5..** De antwoorden met de daarbij behorende vragen worden door het
college toegezonden aan het betreffende raadslid en door de
griffie door middel van plaatsing in het RIS ter kennis gebracht
van alle raadsleden en fractievolgers.
Hoofdstuk 6 › Paragraaf 3.2
Artikel 44
Schriftelijke vragen door raadsleden
Onderdeel van Reglement van Orde voor de Politieke Maandag van de gemeente Arnhem 2014