**1..** De omvang van het budget is de tegenwaarde van de in de betreffende situatie goedkoopst individuele voorziening in natura, indien nodig aangevuld met een vergoeding voor instandhoudingkosten bijvoorbeeld onderhoud aan de voorziening.
**2..** Voor algemene voorzieningen en voor financiële tegemoetkomingen wordt geen persoonsgebonden budget verstrekt.
**3..** Als uit onderzoek blijkt dat de belanghebbende met het budget kan omgaan, wordt deze verleend.
**4..** Bij de beschikking wordt een program van eisen verstrekt, waarin is vastgelegd aan welke voorwaarden de met het budget te verwerven voorziening minimaal dient te voldoen.
**5..** De vaststelling van een persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden vindt als volgt plaats:
a. Bij inschakeling door de budgethouder van een hulp die niet in loondienst is van een thuiszorgaanbieder wordt er een bedrag per uur beschikbaar gesteld ter hoogte van 110% van het bruto uurloon (inclusief vakantietoeslag en eindejaarsuitkering) per 1 januari van het betreffende jaar, van de loonschaal CAO VVT, FWG 10 trede 10 bij HH1, en FWG 20 trede 8 bij HH2. Budgethouders kunnen kosteloos gebruik maken van de administratieve ondersteuning welke door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) wordt aangeboden.
b. Bij inschakeling door de budgethouder van een hulp die in loondienst is van een thuiszorgaanbieder wordt er een bedrag per uur beschikbaar gesteld dat gelijk is aan het gemiddelde uurtarief van de thuiszorgaanbieders.
**6..** Belanghebbende die een budget voor huishoudelijke hulp ontvangt hoeft per jaar € 150,00 niet te verantwoorden.
**7..** De verantwoording van het budget voor huishoudelijke hulp door de budgethouder vindt periodiek plaats via een verantwoordingsformulier. Het college is bevoegd de budgethouder om nadere informatie of alle bewijsstukken te vragen.
HOOFDSTUK 7.
Artikel 13.
Verstrekking als persoonsgebonden budget
Onderdeel van Wmo-Verordening 2014 Schiermonnikoog