Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 7.

Verantwoordelijkheid van het college

Onderdeel van Wmo-Verordening 2014 Schiermonnikoog

1.. Het college handelt vanuit het respect voor en vertrouwen in de kennis en vaardigheden van belanghebbende, en hun verlangen zelf verantwoordelijkheid te nemen. Het college bevordert de zelfredzaamheid en de zelfregie van belanghebbenden. 2.. Als dat nodig is, staat het college belanghebbenden bij, bij het zoeken, vinden, en treffen van een oplossing voor een hulpvraag. Het college doet dit op objectieve wijze, waarbij zij tevens verantwoordelijk is voor de doelmatige besteding van beschikbaar gestelde middelen. 3.. Oplossingen voor een hulpvraag, als bedoeld in het vorige lid, worden bij voorkeur gezocht in dat wat een belanghebbende zelf, of met diens sociale netwerk redelijkerwijs kan realiseren. Worden daar onvoldoende oplossingen gevonden, dan worden de oplossingen achtereenvolgend gezocht in algemeen gebruikelijke oplossingen, voorliggende voorzieningen, en collectieve voorzieningen. Het college besluit alleen dan een individuele voorziening te verstrekken, als er onvoldoende andere oplossingen zijn. 4.. Het college heeft oog voor alle omstandigheden van een belanghebbende en diens gezin. Bij het doen van onderzoek maakt het college waar mogelijk gebruik van al beschikbare informatie. 5.. Het college is bevoegd de dienstverlening in dit kader uit te laten voeren door derden.

Rechtspraak bij dit artikel