De volgende omschrijvingen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen worden op grond van artikel 8, tweede lid, van de verordening vastgesteld:
groente-, fruit- en tuinafval (gft-afval): dat deel van de huishoudelijke afvalstoffen dat van organische oorsprong is, beperkt is van omvang en apart wordt ingezameld;
klein chemisch afval (kca): huishoudelijke afvalstoffen zoals vermeld op de kca-lijst van het ministerie van VROM;
glas: op kleur gescheiden eenmalige glasverpakkingen zoals flessen, potten en andere glazen verpakkingen, met uitzondering van vlakglas, (glas)keramiek, gloei- en spaarlampen, TL-lampen, nagellakflesjes, stenen kruiken, porselein, kristal, spiegels, doppen van flessen, kunststofflessen en kurken;
oud papier en karton: huishoudelijk oud papier en karton dat droog en schoon en niet vervuild is met andere afvalfracties, met uitzondering van drankenkartons voor zuivel en frisdranken, ordners en ringbanden met metaal en/of plastic onderdelen, geplastificeerd papier, sanitair papier, behang, vinyl en doorslagpapier;
kunststofverpakkingen: verpakkingen van kunststof, zoals bedoeld in het kader van de Raamovereenkomst verpakkingen (plastic flessen, flesjes en flacons, tandpastatubes, groentezakken, plastic tassen, boterkuipjes, yoghurtbekers, plantenpotten enz.);
textiel: kleding, lakens, dekens, handdoeken en dergelijke, schoeisels, grote lappen stof en gordijnen die schoon zijn, niet vervuild met andere afvalfracties en niet eerder gebruikt als bijvoorbeeld poets- of verflappen;
elektrische en elektronische apparatuur (wit- en bruingoed): de producten zoals genoemd in de Regeling beheer elektrische en elektronische apparatuur;
bouw- en sloopafval: harde steenachtige materialen, zoals puin, gasbeton, dakpannen, serviesgoed, sloophout en isolatiematerialen;
verduurzaamd hout: hout dat is geïmpregneerd, te herkennen aan groene of bruine kleur, zoals bielzen of tuinhout;
grof tuinafval: plantaardige of organische afvalstoffen door aard, samenstelling of omvang niet vallend onder gft-afval en vrijkomend bij de aanleg, het onderhoud of verwijdering van particulier groen, zoals grof loofafval, snoeihout etcetera, met uitzondering van bielzen, tuinhekken en tuinschuttingen;
asbest en asbesthoudend materiaal: afval waarin zich asbest bevindt;
grof huishoudelijk afval: volumineus of zwaar huishoudelijk afval dat door afmeting of gewicht niet in een inzamelmiddel of via een inzamelvoorziening ter inzameling kan worden aangeboden;
metalen: producten met als belangrijkste bestanddeel ferro en/of non-ferro;
EPS: piepschuim/tempex;
dakleer: dakbedekkingsmaterialen, ook wel genoemd dakleer, bestaand uit beplatingsmateriaal van hout of kunststof, voorzien van een laag koolteer of bitumen dit is inclusief dakgrind, waaraan zich teer of bitumen bevindt;
banden: schone banden van motoren en personenauto’s van maximaal 16 inch zonder velgen;
vlakglas: vlak en glad glas dat is gebruikt in woning- en utiliteitsbouw;
incontinentie afval: afval van incontinentiemateriaal;
gips: dat deel van de huishoudelijke afvalstoffen dat bestaat uit gipsplaten, gipsblokken of gipslijsten;
huishoudelijk restafval: afval afkomstig uit particuliere huishoudens, dat overblijft na scheiding in de deelstromen genoemd in artikel 3, eerste lid van de verordening.
Artikel 3
Afzonderlijke inzameling
Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening Veenendaal 2013.