Naar hoofdinhoud
In geval van afwezigheid van de directeur, kan het mandaat c.q. de machtiging worden uitgeoefend door diens formele plaatsvervanger. De vervanging is van overeenkomstige toepassing op het ondermandaat en het in artikel 4, vierde lid genoemde besluit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel