**1..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 100,-, als de inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het college op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtig is verwijtbaar geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld in artikel 25 lid 4 WI.
**2..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 200,- als de inburgeringsplichtige verwijtbaar geen of onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde voorziening, bedoeld in artikel 23 lid 1 WI of niet aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 8 van deze verordening.
**3..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 250,- als de inburgeringsplichtige verwijtbaar niet binnen de in artikel 7 lid 1 WI bedoelde termijn of niet binnen de door het college op grond van artikel 31 lid 2 sub a WI verlengde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald.
Hoofdstuk 3
Artikel 10
De hoogte van de bestuurlijk boete voor de verschillende overtredingen
Onderdeel van Verordening Wet Inburgering 2010