Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Bijzondere vergunningsvoorschriften

Onderdeel van Bomenverordening 2014

1.. Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven aanwijzingen moet worden herplant. 2.. Wordt een voorschrift als bedoeld in het eerste lid gegeven, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet worden vervangen. 3.. Een vergunning wordt verleend onder de standaard voorwaarde van feitelijk niet-gebruik tot zes weken na de dag van bekendmaking van de kapvergunning.

Rechtspraak bij dit artikel