**1..** De leden van de commissie hebben op grond van artikel 61c Gemeentewet volstrekte geheimhoudingsplicht omtrent hetgeen direct of indirect aan hen als lid van de commissie ter kennis is gekomen;
**2..** De vergaderingen van de commissie zijn besloten, de stukken van de commissie zijn geheim, hetgeen op die stukken wordt vermeld;
**3..** De (fungerend) voorzitter van de commissie wijst bij elke vergadering op de geheimhoudingsplicht;
**4..** Aan raadsleden die geen zitting (meer) hebben in de commissie en aan anderen wordt geen informatie betreffende de inhoud van de stukken of het behandelde ter vergadering of in het gesprek verstrekt, behoudens het bepaalde in artikel 11 van deze verordening;
**5..** Deze geheimhoudingplicht geldt zowel tijdens het bestaan van de commissie als na ontbinding van de commissie, e.e.a. in samenhang met artikel 11, lid 2 van deze verordening;
**6..** Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op diegene(n) die met de ambtelijke bijstand van de commissie is belast en de adviseur(s) van de commissie;
**7..** De geheimhouding brengt met zich mee dat door de commissie, anders dan door tussenkomst van de commissaris, geen inlichtingen -schriftelijk of mondeling- kunnen worden ingewonnen over de kandidaten en dat elk overleg met derden is uitgesloten.
Artikel 3
Geheimhouding
Onderdeel van Verordening vertrouwenscommissie vacature burgemeester Breda 2014