Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5.

Artikel 16.

Instandhoudingbepaling

Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Rijssen-Holten 2014

1.. Het is verboden om in een archeologisch monument, bedoeld in artikel 1, onder a, sub 2 of een archeologisch verwachtingsgebied, bedoeld in artikel 1, onder i, de bodem dieper dan 40 cm onder de oppervlakte te verstoren. 2.. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien; in het geldend bestemmingsplan bepalingen zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg. In een projectafwijkingsbesluit als bedoeld in artikel 2.12 lid 1 a onder 3 of een afwijkingsbesluit als bedoeld in artikel 2.12 lid 1 a onder 2 of artikel 2.12 lid 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voorschriften zijn opgenomen omtrent archeologische monumentenzorg. het college nadere regels stelt met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden die leiden tot een verstoring van een archeologisch monument of archeologisch verwachtingsgebied als aangegeven op gemeentelijke archeologische waardenkaart of de gemeentelijke beleidsadvieskaart, dan wel bij het ontbreken daarvan.de provinciale Archeologische Monumentenkaart of de landelijke Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden; een rapport is overlegd waarin de archeologische waarde van het te verstoren terrein naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld en waaruit blijkt dat: ·. het behoud van de archeologische waarden in voldoende mate kan worden geborgd; of ·. de archeologische waarden door de verstoring niet onevenredig worden geschaad; of ·. in het geheel geen archeologische waarden aanwezig zijn

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel