1.Het college van burgemeester en wethouders verleent op een daartoe strekkend verzoek met inachtneming van de overige artikelen in deze afdeling III een -volledige of 6-daagse- parkeervergunning voor zakelijk gebruik verlenen aan (gemachtigden van) bedrijven die voldoen aan de volgende criteria:
gevestigd zijn op een (bedrijfs)adres in een gebied waar vergunninghouderplaatsen aanwezig zijn, en;
houder zijn van een motorvoertuig waarvoor de parkeervergunning wordt aangevraagd, en;
niet reeds beschikken over het maximum aantal te verlenen parkeervergunningen voor zakelijk gebruik en volgens artikel 19, en;
gebruik van het motorvoertuig noodzakelijk is voor de bedrijfsuitoefening.
Aan het criterium zoals bedoeld onder lid 1 sub d van dit artikel dat gebruik van het motorvoertuig nodig is voor de bedrijfsuitoefening, wordt voldaan:
bij inzet van het motorvoertuig ten behoeve van bedrijven die vrijwel dagelijks -minimaal drie dagen per week- als hoofdactiviteit -die voor minimaal 50% van de omzet zorgt- dagverse producten bezorgen. Bij dagverse producten gaat het om producten die zeer beperkt houdbaar zijn en / of op speciale wijze bewaard moeten worden en dientengevolge een spoedig transport vereisen;
Een parkeervergunning is in het belang van de bedrijfsuitoefening slechts noodzakelijk als; de werkzaamheden in het kader waarvan de parkeervergunning wordt verleend vrijwel dagelijks en frequent op niet altijd voorspelbare tijdstippen terugkeren. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat “vrijwel dagelijks” betekent dat minimaal drie werkdagen per week het gebruik van de auto noodzakelijk is voor de primaire bedrijfsuitoefening, dat wil zeggen ten behoeve van de hoofdactiviteit van het bedrijf. Een parkeervergunning voor zakelijk gebruik is nadrukkelijk niet bedoeld voor enkel en alleen parkeren van het motorvoertuig ten behoeve woon-werkverkeer bij de eigen onderneming / praktijk / bedrijfspand.
Het voldoen aan de criteria zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel wordt beoordeeld aan de hand van respectievelijk:
door de aanvrager zelf aan te dragen bewijsmateriaal, waar mogelijk in de vorm van een uittreksel van de inschrijving bij de Kamer van Koophandel, niet ouder dan zes maanden, en;
een door de aanvrager te overleggen kopie van het kentekenbewijs deel 1B (voorheen deel II) van het motorvoertuig waarvoor de parkeervergunning wordt aangevraagd. Dit kenteken dient op naam van de aanvrager te staan, en;
indien het motorvoertuig een leaseauto of bedrijfsauto betreft; een door de aanvrager te overleggen kopie van berijderverklaring of volledig ingevulde werkgeversverklaring: ‘gebruik (bedrijfs)auto door werknemer’, en;
een door de aanvrager naar waarheid in te vullen verklaring over de beschikbaarheid van eigen parkeergelegenheid, en;
een door de aanvrager naar waarheid in te vullen verklaring over de noodzaak tot autogebruik bij de bedrijfsuitoefening volgens de onder lid 2 van dit artikel vermelde criteria. Deze verklaring dient bij nader verzoek van de gemeente te worden ondersteund door een accountant of (financieel) administratiekantoor, en;
een door de aanvrager te overleggen machtiging van de werkgever, waaruit de bevoegdheid blijkt namens het bedrijf een parkeervergunning aan te vragen, en;
een door de aanvrager te overleggen kopie van een geldig legitimatiebewijs (paspoort, rijbewijs, identiteitsbewijs) van de persoon die het aanvraagformulier invult en ondertekent.
Hoofdstuk › AFDELING III
Artikel 16
Criteria voor toekenning van een parkeervergunning voor zakelijk gebruik
Onderdeel van Beleidsregels parkeervergunningen binnenstad 2014