Naar hoofdinhoud

Artikel 14

Artikel 14

Onderdeel van Parkeerverordening Súdwest-Fryslân 2014

1.. Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een belanghebbendenplaats of een autodateplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden: zonder vergunning; bij vergunningen die volgens artikel 5, lid 3 op naam zijn verleend: zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien van de voor dat motorvoertuig afgegeven vergunningsbewijs; in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften. Houders van een Gehandicaptenparkeerkaart zijn hiervan uitgezonderd. 2.. Het is ontheffinghouders verboden gedurende de tijden waarop ontheffing is verleend voor het parkeren bij parkeerverbodszoneplaatsen en parkeerschijfzoneplaatsen aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden: zonder ontheffing; bij ontheffingen die volgens artikel 10, lid 3 op naam zijn verleend: zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien van de voor dat motorvoertuig afgegeven ontheffingsbewijs; in strijd met de aan de ontheffing verbonden voorschriften. Houders van een gehandicaptenparkeerkaart zijn hiervan uitgezonderd. 3.. Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel