**1..** De hoogte van een persoonsgebonden budget voor hulpmiddelen en
woningaanpassingen bedraagt in ieder geval niet meer dan de huur-
dan wel aanschafprijs van de goedkoopst adequate voorziening,
waaronder gerekend onderhoud, reparatie en verzekering, zoals die
door het college aan de aanbieder verschuldigd is.
**2..** Het college kan nadere regels vaststellen over de wijze waarop de
hoogte van een persoonsgebonden budget voor hulpmiddelen en
woningaanpassingen wordt bepaald.
**3..** De hoogte van een persoonsgebonden budget voor diensten wordt
afgeleid van de tarieven waarvoor het college deze diensten heeft
gecontracteerd dan wel kan afnemen.
**4..** Het college stelt nadere regels vast over de hoogte van het
persoonsgebonden budget bij diensten waaronder in ieder geval:
de gedifferentieerde tarieven tussen aanbieders waarbij
rekening wordt gehouden met overheadkosten;
de tarieven van het persoonsgebonden budget welke mag worden
uitbetaald aan een persoon die behoort tot het sociale
netwerk van de cliënt;
de tarieven bedoeld onder b zijn in ieder geval lager dan de
tarieven genoemd onder a.
**5..** Het persoonsgebonden budget moet in ieder geval toereikend zijn om
maatschappelijke ondersteuning in te kunnen kopen welke voldoet aan
de kwaliteit met betrekking tot het doel waarvoor het
persoonsgebonden budget wordt verleend.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1
Hoogte persoonsgebonden budget
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Vught 2015