Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Subsidiegrondslagen en –bedragen

Onderdeel van Subsidieverordening Amateurkunstbeoefening 2008

Een instelling kan in aanmerking komen voor de volgende subsidie: Muziekverenigingen (harmonieorkesten, fanfarekorpsen, drumbands, twirlmajorettegroep) Een basissubsidie per zelfstandige eenheid volgens de NIB-norm 2002. Dit bedrag is bepaald op: basisbedrag voor een instelling bestaande uit één eenheid: € 900,-- basisbedrag voor een instelling bestaande uit twee eenheden: € 1320,-- basisbedrag voor een instelling bestaande uit drie of meer eenheden: € 1674,- Een subsidie van 20% in de jaarlijkse kosten van de dirigent en de instructeur van de drumband en majorettegroep, voor zover dit ten behoeve van repetities is. Een subsidie van 10% van de jaarlijkse contributieopbrengst Een subsidie van maximaal € 500,-- wordt verleend, voor deelname aan een onder auspiciën van een landelijke overkoepelende organisatie georganiseerd concours, dan wel door deze organisatie erkend internationaal concours. Een subsidie van € 5,- per lid per jaar voor de aanschaf van uniformen en instrumenten. Accordeonvereniging Voor (mond)accordeonverenigingen geldt een basissubsidie van € 60,-- per vereniging per jaar. Een subsidie van 10% in de vergoeding voor de artistieke leiding (dirigent) voor zover dit ten behoeve van repetities is. Hierbij geldt een maximum bedrag van € 250,--. Een subsidie van 5% van de jaarlijkse contributieopbrengst. Zang- en operetteverenigingen Voor zang- en operetteverenigingen geldt een basissubsidie van € 60,-- per vereniging per jaar. Een subsidie van 10% in de vergoeding voor de artistieke leiding (dirigent) voor zover dit ten behoeve van repetities is. Hierbij geldt een maximum bedrag van € 250,--. Een subsidie van 5% van de jaarlijkse contributieopbrengst. Toneelverenigingen Voor toneelverenigingen geldt een basissubsidie van € 60,-- per vereniging per jaar. Een subsidie van 10% in de vergoeding voor de regisseur, voor zover dit ten behoeve van repetities is. Hierbij geldt een maximum bedrag van € 250,--. Een subsidie van 5% van de jaarlijkse contributieopbrengst. Dans-, volksdans- en folkloristische dansverenigingen Voor dansverenigingen geldt een basissubsidie van € 60,-- per vereniging per jaar. Een subsidie van 10% in de vergoeding van de instructeur, voor zover dit ten behoeve van repetities is, met een maximum van € 250,--. Een subsidie van 5% van de jaarlijkse contributieopbrengst. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd van de in artikel 5 genoemde subsidiegrondslagen en -bedragen af te wijken indien naar hun oordeel hiervoor voldoende redenen bestaan.

Rechtspraak bij dit artikel