De gemeentesecretaris wijst een klachtencoördinator aan die belast is met de in lid 3 genoemde taken.
De gemeentesecretaris wijst voorts één of meer plaatsvervangers van de klachtencoördinator aan.
De klachtencoördinator heeft de volgende taken:
a. toetsen van een klacht op ontvankelijkheid en het melden van zijn conclusie dienaangaande aan de klachtbehandelaar;
b. uitvoering geven aan het bepaalde in artikel 6 voor zover op hem van toepassing;
c. bewaken van de tijdige en correcte behandeling en afdoening van klachten;
d. signaleren van tendensen op basis van afgehandelde klachten en het adviseren van het bestuursorgaan over in verband daarmee te treffen maatregelen;
e. bijhouden van het volledige dossier van iedere in behandeling genomen klacht;
f. optreden als contactpersoon voor de Nationale Ombudsman namens de gemeente en verrichten van alle daarmee samenhangende werkzaamheden;
g. adviseren van het bestuursorgaan naar aanleiding van de bevindingen van de Nationale Ombudsman.
h. opstellen van een jaarverslag;
i. verrichten van alle overige, niet genoemde werkzaamheden, die in het kader van deze verordening noodzakelijk zijn.
Hoofdstuk › Afdeling I
Artikel 3