Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 15

Artikel 33

Uittreding

Onderdeel van MODULAIRE GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING SOCIAAL DOMEIN LIMBURG-NOORD

1.. Een gemeente kan uit de regeling dan wel een samenwerkingsmodule uittreden krachtens een daartoe strekkend besluit van het college en na verkregen toestemming van de gemeenteraad. Daarbij wordt een opzegtermijn van twee jaar, ingaande 1 januari van het eerstvolgende kalenderjaar, in acht genomen. 2.. Het voornemen tot uittreding wordt bij aangetekende brief bekend gemaakt aan de voorzitter van het samenwerkingsverband. 3.. Een deelnemer kan uit de regeling uittreden mits alle kosten die direct en indirect samenhangen met de uittreding worden vergoed. 4.. Na ontvangst van de in het eerste lid vermelde brief wordt een in overleg met de uittredende deelnemer aan te wijzen onafhankelijke registeraccountant opdracht verleend een plan op te stellen dat ten minste inzicht geeft in alle kosten, die direct of indirect samenhangen met de uittreding. Het plan wordt vastgesteld door het algemeen bestuur en de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen zijn bindend. 5.. Nadat het plan is vastgesteld, is de uittredende deelnemer gehouden om binnen zes maanden de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen aan het samenwerkingsverband te voldoen. 6.. De kosten van het in het derde lid bedoelde plan komen voor rekening van de uittredende deelnemer.

Rechtspraak bij dit artikel