Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe investeringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. Hiervoor stelt de raad uitsluitend een voorbereidingskrediet vast. De overige nieuwe investeringen worden met het vaststellen van de begroting geautoriseerd.
Het college informeert de raad vooraf als ze verwacht dat:
er een overschrijding van de lasten plaats vindt van meer dan 10% van het geautoriseerde krediet;
dat de baten 10% lager zijn dan begroot.
De raad geeft vervolgens aan of hij hiervoor een voorstel wil voor wijziging van het krediet of een voorstel voor bijstelling van het beleid.
Bij de behandeling van de tussenrapportages in de raad doet het college voorstellen voor het wijzigen van de investeringskredieten en het bijstellen van het beleid.
Voor een investering van minimaal € 50.000 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd, legt het college vooraf aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een voorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor. Voor investeringen kleiner dan € 50.000 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd geldt dat deze bij de tussentijdse rapportage ter vaststelling aan de raad worden aangeboden. Bij investeringen groter dan € 250.000 informeert het college de raad in het voorstel over het effect van de investering op de schuldpositie van de gemeente.
De restantkredieten hoeven niet opnieuw geautoriseerd te worden bij de begroting.
Hoofdstuk 2.
Artikel 8.
Autorisatie investeringskredieten
Onderdeel van Financiële verordening gemeente Beesel 2015