Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies
wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn,
kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de
leden van de commissie dit onderzoek houden.
De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in
afschrift toegezonden aan de leden van de commissie, het
verwerend orgaan en de belanghebbenden.
De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de
belanghebbenden kunnen binnen één week na verzending van de
in het tweede lid bedoelde informatie aan de voorzitter van
de commissie verzoeken een nieuwe hoorzitting te beleggen.
De voorzitter beslist omtrent een dergelijk verzoek.
Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het derde lid,
zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben
op de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige
toepassing.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 1
Artikel 15
Nader onderzoek
Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften