1. Het college wijst een aanvraag af of trekt een
toewijzingsbesluit Starterslening in, indien:
a. het budget niet toereikend is om de aanvraag te
honoreren;
b. er niet is voldaan aan de bij of krachtens deze
verordening gestelde voorschriften en/of bepalingen;
c. de Starterslening is toegekend of vastgesteld op grond
van onjuiste gegevens;
d. de koopovereenkomst van de betreffende eigen woning wordt
ontbonden.
2. Bij de intrekking vordert het college de contante waarde
van het al genoten en/of toekomstige rentevoordeel geheel of
gedeeltelijk terug, eventueel met de mogelijkheid van
beslaglegging.
3. Indien bij overtreding van de bepalingen in deze
verordening de aanvrager verschoonbaar is, kan het college
besluiten de bovengenoemde sancties geheel of gedeeltelijk
achterwege te laten.