Er wordt in ieder geval afwijzend beslist op een aanvraag om subsidie indien:
naar verwachting de beoogde effecten van het project niet in overwegende mate zullen terechtkomen in één of meer van de drie noordelijke provincies;
het project geen substantiële bijdrage levert aan de doelstellingen van het REP-SNN;
de startdatum en de einddatum niet eenduidig zijn gefixeerd;
aannemelijk is dat de activiteiten ook zonder subsidie zonder belangrijke vertraging zullen worden uitgevoerd;
de berekening van de kosten niet doorzichtig en verifieerbaar is;
de kosten waarvoor subsidie is aangevraagd niet doelmatig zijn of niet rechtstreeks zijn toe te rekenen aan het desbetreffende project;
de aangevraagde vorm van subsidie niet de meest geëigende vorm is;
het een subsidieontvanger betreft die een ondernemer is tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat als bedoeld in artikel 1, zesde lid, onderdeel a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening;
een aanmerkelijke kans bestaat dat het verlenen van subsidie in strijd is met de nationale of Europese regels;
de activiteiten behoren tot de reguliere (bedrijfs-)activiteiten en/of verantwoordelijkheden van de aanvrager;
de aanvraag niet voldoet aan de overige bij of krachtens deze verordening gestelde regels.