Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 1

Artikel 3.2

Algemene weigeringsgronden

Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 Roerdalen

Geen aanspraak op een maatwerkvoorziening bestaat: a. indien de maatwerkvoorziening voor de persoon van de cliënt algemeen gebruikelijk is. b. indien de cliënt geen ingezetene is van de gemeente Roerdalen. c. voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de cliënt voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt. d. voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen. e. voor zover de cliënt een beroep kan doen op een voorliggende voorziening die, gezien haar aard en doel, wordt geacht voor de cliënt toereikend en passend te zijn. f. indien de aanspraak niet is vast te stellen doordat de cliënt niet of onvoldoende voldoet aan de verplichtingen als bedoeld in artikel 2.3.8 lid 1 en 3 van de wet of artikel 2.4 van deze verordening of doordat een huisgenoot niet of onvoldoende voldoet aan de verplichting als bedoeld in artikel 2.4 van deze verordening g. indien de maatwerkvoorziening of de noodzaak daarvan voor de cliënt redelijkerwijs vermijdbaar was; h. indien de maatwerkvoorziening voorzienbaar was, tenzij van de cliënt redelijkerwijs niet verwacht kon worden maatregelen te hebben getroffen die de maatwerkvoorziening overbodig hadden gemaakt. i. indien de noodzaak tot het treffen van de maatwerkvoorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van beperkingen bij de zelfredzaamheid en participatie, geen aanleiding bestond en er geen andere belangrijke reden aanwezig was.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel