Algemeen
Als de aangevraagde subsidies tezamen het subsidieplafond te boven gaan, dan vindt prioritering plaats op basis van rangordecriteria. Een te lage rangschikking leidt derhalve tot afwijzing van de aanvraag voor subsidie. Als aanvragen voor subsidie op basis van de rangordecriteria als gelijk worden beoordeeld, beslist het college van burgemeester en wethouders over de desbetreffende aanvragen voor subsidie. Deze beslissing kan ook inhouden dat een voorstel aan de raad wordt voorgelegd.
Rangordecriteria integraal jeugdbeleid (de activiteiten onder a) krijgen de hoogste prioriteit gevolgd door deze onder b), vervolgens c) enz.):
Activiteiten die er op gericht zijn zoveel mogelijk jeugdigen te ondersteunen met problemen met opgroeien en ouders met problemen met opvoeden en de ontplooiing van jeugd en jongeren, alsmede educatie-activiteiten die er op gericht zijn zoveel mogelijk jeugdigen adequaat voor te bereiden op de schoolloopbaan dan wel door te leiden naar een startkwalificatie, komen als eerste aan bod voor subsidie;
Ten tweede volgen activiteiten die een actieve betrokkenheid van de deelnemers vragen bij de uitvoering en de evaluatie van de activiteit. Deze gaan voor op activiteiten waarbij de betrokkenheid van de deelnemers op een lager niveau ligt;
Activiteiten met een vernieuwend karakter en/of nieuwe activiteiten krijgen vervolgens een hogere prioriteit dan activiteiten zonder vernieuwend karakter en/of bestaande activiteiten, het vernieuwend karakter wordt gebaseerd op steekhoudende argumenten;
Activiteiten met een grotere reële geschatte omvang van de doelgroep/publiek gaan daarna voor activiteiten met een kleinere reële geschatte omvang van de doelgroep/publiek;
Aansluitend krijgen activiteiten waarbij het percentage inkomsten ten opzichte van de uitgaven hoger is een hogere prioriteit dan activiteiten waarbij dit percentage lager is.
Hoofdstuk 4:
Artikel 4.6
Rangordecriteria integraal jeugdbeleid
Onderdeel van Beleidsregels Subsidieverstrekking gemeente Bunnik 2008