**1..** Indien in strijd met artikel 2, lid 1 van deze verordening
houtopstand is geveld, dan wel op andere wijze teniet is gegaan,
zijn Burgemeester en Wethouders bevoegd aan de zakelijk gerechtigde
tot de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene
die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is,
de verplichting opleggen te herplanten overeenkomstig de door hen te
geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn.
**2..** Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan
kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant
en op welke wijze niet-geslaagde beplanting moet worden
vervangen.
**3..** Indien houtopstand waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze
afdeling van toepassing is in het voortbestaan ernstig worden
bedreigd, kunnen Burgemeester en Wethouders aan de zakelijk
gerechtigde tot de grond waarop zich de houtopstand bevindt dan wel
aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen
bevoegd is, de verplichting opleggen om:
overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een
door hen te stellen termijn voorzieningen te treffen,
waardoor die bedreiging wordt weggenomen;
een bomen effect analyse op te stellen en aan te bieden
binnen een door hen te stellen termijn..
**4..** Degene aan wie een voorschrift of een verplichting als bedoeld in
dit artikel is opgelegd, alsmede diens rechtsopvolger, is verplicht
daaraan te voldoen.