Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Regeling bescherming persoonsgegevens Gemeente Zwolle

1.. De FG treft zodanige maatregelen dat: Een betrokkene die persoonsgegevens heeft verstrekt, zo spoedig mogelijk na verstrekking van de gegevens wordt medegedeeld voor welke doeleinden deze gegevens worden verzameld en verwerkt, tenzij betrokkene hiervan, blijkende uit een vermelding op het aanvraagformulier, brief of mondelinge mededeling, hiervan reeds op de hoogte is; Aan betrokkene zo spoedig mogelijk na de vastlegging van de persoonsgegevens die hem betreffen wordt medegedeeld voor welke doeleinden de verantwoordelijke de gegevens verzamelt en verwerkt, indien de gegevens niet door opgave van de betrokkene zijn verkregen; Aan een betrokkene, die een verzoek om inzage in zijn gegevens als bedoeld in artikel 35 van de WBP indient, binnen vier weken na van ontvangst van het verzoek schriftelijk dan wel op een wijze zoals bedoeld in artikel 37 van de WBP wordt medegedeeld of hem betreffende gegevens worden verzameld en verwerkt; Aan een betrokkene die een verzoek tot verbetering, aanvulling, verwijdering of afscherming van zijn persoonsgegevens als bedoeld in artikel 36 van de WBP indient, binnen vier weken na ontvangst van het verzoek schriftelijk dan wel op een wijze zoals bedoeld in artikel 37 van de WBP wordt medegedeeld of dan wel in hoeverre de verantwoordelijke aan dit verzoek voldoet. Zijn de gegevens voorafgaand aan derden doorgegeven, dan dient ook de wijziging in de verzamelde persoonsgegevens aan deze derden te worden doorgegeven, tenzij dit onmogelijk is of een onevenredig zware inspanning kost; Aan een betrokkene, die gebruik maakt van het recht van verzet als bedoeld in artikel 40 van de WBP, de verantwoordelijke binnen vier weken na ontvangst van het verzoek, schriftelijk dan wel op een wijze zoals bedoeld in artikel 37 van de WBP wordt medegedeeld of het verzet gerechtvaardigd is; De verwerking onmiddellijk wordt beëindigd indien het verzet gerechtvaardigd is. 2.. Indien een betrokkene een verzoek als bedoeld in lid 1 onder c tot en met f, indient draagt de verantwoordelijke zorg voor een deugdelijke vaststelling van de identiteit van de verzoeker.

Rechtspraak bij dit artikel