Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de
voorbereiding van het beleid betreffende jeugdhulp
overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet
gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak
wordt verleend.
Het college stelt cliënten en vertegenwoordigers van
cliëntgroepen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het
beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij
de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen
betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun
rol effectief te kunnen vervullen.
Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan
periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen
aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate
deelname aan het overleg benodigde informatie en
ondersteuning.
Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het
tweede en derde lid.