De Burgemeester trekt de vergunning bedoeld in artikel 7, eerste lid, in indien:
a niet langer wordt voldaan aan de in artikel 9 gestelde eisen;
b gedurende een jaar geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning;
c zich in de betreffende ruimte of ruimten feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid.