1 De vergunning, bedoeld in artikel 7, eerste lid, geldt uitsluitend voor een of meer in deze vergunning vermelde ruimten.
2 Bij overlijden van een vergunninghouder kan het bedrijf waarop de vergunning betrekking heeft, door of namens een van zijn rechtsopvolgers worden voortgezet tot een maand na het overlijden of, indien binnen die termijn ter zake een nieuwe vergunning is aangevraagd, tot het tijdstip waarop op deze aanvraag onherroepelijk is beslist.