**1..** Bij ziekte van de buitengewoon ambtenaar jonger dan 65 jaar zijn de artikelen 7:1 tot en met 7:3 (definities, begeleiding en recht op bezoldiging bij ziekte), 7:9 tot en met 7:14 (verplichtingen en sancties) en 7:19 tot en met 7:21 (samenloop doorbetaling bezoldiging en uitkering) van de CAR/LAR van overeenkomstige toepassing.
**2..** Voor toepassing van dit artikel wordt onder bezoldiging verstaan: het gemiddelde van het totaal aan vergoedingen bedoeld in artikel 3, over de 12 maanden onmiddellijk voorafgaande aan de eerste dag van ongeschiktheid van de buitengewoon ambtenaar. Voor zover de ambtenaar op deze datum zijn betrekking nog geen 12 maanden heeft vervuld, wordt gerekend met het bedrag dat hem gemiddeld per maand is toegekend over de periode waarin hij in dienst is.
**3..** Voor de toepassing van dit artikel wordt onder de eerste dag van ongeschiktheid van de buitengewoon ambtenaar verstaan: de dag waarop de ambtenaar is aangewezen om een huwelijk of geregistreerd partnerschap te voltrekken, waarvoor hij wegens ziekte is verhinderd.
Indien er op de dag van de ziekmelding geen dag is waarop de ambtenaar is aangewezen om een huwelijk of geregistreerd partnerschap te voltrekken, geldt als eerste dag van ongeschiktheid de eerste dag van de periode waarover nog geen huwelijk of geregistreerd partnerschap is gepland.
De periode van ongeschiktheid eindigt op de dag dat de ambtenaar zich weer beschikbaar stelt voor of naar het oordeel van de bedrijfsarts weer beschikbaar is voor het voltrekken van een huwelijk of geregistreerd partnerschap.
**4..** Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen.
Hoofdstuk
Artikel 4
Aanspraken bij ziekte
Onderdeel van Rechtspositieregeling voor de (buitengewoon) ambtenaar burgerlijke stand van de Gemeente Zwolle