**1..** De kosten die belanghebbende maakt voor activiteiten, bedoeld in artikel 2.3, onderdelen d en e, worden door het college van burgemeester en wethouders vergoed, in overeenstemming met de in het plan opgenomen begroting, of, bij gebreke hiervan, in overeenstemming met het besluit op de aanvraag;
**2..** Indien in het plan voor de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, geen begroting is opgenomen, dient de belanghebbende bij het college van burgemeester en wethouders een aanvraag in voor een tegemoetkoming in de kosten van die activiteiten, voorafgaand aan de aanvang van die activiteiten. Vergoeding vindt uitsluitend plaats na overlegging van facturen en bewijzen van betaling;
**3..** Het college van burgemeester en wethouders kan bij de vaststelling van het plan of het besluit op de aanvraag de voor een activiteit te vergoeden kosten lager vaststellen dan in het plan op de aanvraag is begroot, indien de begrote kosten niet noodzakelijk zijn voor het verrichten van de activiteit of als de kosten voor een activiteit hoger zijn begroot dan voor de uitvoering noodzakelijk is;
**4..** Eventueel noodzakelijke reis- en verblijfkosten als gevolg van de activiteiten, bedoeld in artikel 2.3, onderdelen d en e komen voor rekening van het college van burgemeester en wethouders.
HOOFDSTUK 2
Artikel 2.9
Artikel 2.9
Onderdeel van Verordening sollicitatieplicht en outplacement politieke ambtsdragers 2014