Naar hoofdinhoud

Artikel 27.

Overgangsrecht

Onderdeel van VERORDENING WMO GEMEENTE OLST-WIJHE 2015

1.. Een cliënt houdt recht op een lopende voorziening welke is verstrekt op grond van de toenmalige Verordening Wmo tot aan het einde van de gestelde indicatie of totdat het college een nieuw besluit heeft genomen en het oude besluit heeft ingetrokken. Indien van toepassing, betaalt de cliënt een eigen bijdrage of eigen aandeel op grond van het toenmalig genomen besluit. 2.. In afwijking van het eerste lid houdt een cliënt met een lopende voorziening HH1 (in natura of pgb), Service PGB of PGB Particulier welke is verstrekt op grond van de toenmalige verordening in het jaar 2015 recht op deze voorziening gedurende de looptijd van de betreffende voorziening. Vanaf 1 januari 2016 vervalt dit overgangsrecht. 3.. Een cliënt met een lopende voorziening HH1 (in natura of pgb), Service PGB of PGB Particulier welke is verstrekt op grond van de toenmalige verordening in het jaar 2015 houdt recht op deze voorziening tot 1 januari 2016. 4.. Een cliënt met een lopende voorziening HH2 (in natura of pgb), welke is verstrekt op grond van de toenmalige verordening, houdt recht op deze voorziening gedurende de looptijd van de betreffende voorziening. 5.. Een cliënt met een lopende voorziening in de vorm van forfaitaire financiële tegemoetkoming voor een autokostenvergoeding/taxikostenvergoeding, houdt recht op de hoogte van de tegemoetkoming zoals deze is verstrekt op grond van de toenmalige Verordening tot 1 juli 2015 6.. Aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening voorzieningen Wmo Olst-Wijhe 2013 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden afgehandeld krachtens deze verordening.

Rechtspraak bij dit artikel