Naar hoofdinhoud
De behandelend medewerker van het Sociaal Team bespreekt met de cliënt en eventuele personen die hem bijstaan (zoals bedoeld in artikel 2.1.6) zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen zes weken na de melding, met inachtneming van diens persoonlijk plan indien aanwezig en voor zover nodig: de behoeften, persoonskenmerken en de voorkeuren van de cliënt. de mogelijkheden om op eigen kracht of met gebruikelijke hulp zijn zelfredzaamheid of zijn participatie te verbeteren of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang. de mogelijkheden om met mantelzorg of hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk te komen tot verbetering van zijn zelfredzaamheid of zijn participatie of te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang. de behoefte aan maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorger van de cliënt. de mogelijkheden om met gebruikmaking van een algemene voorziening te komen tot verbetering van zijn zelfredzaamheid of zijn participatie, onderscheidenlijk de mogelijkheden om met gebruikmaking van een algemene voorziening te voorzien in zijn behoefte aan beschermd wonen of opvang. de mogelijkheden om door middel van samenwerking met zorgverzekeraars en zorgaanbieders als bedoeld in de Zorgverzekeringswet en partijen op het gebied van publieke gezondheid, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen, te komen tot een zo goed mogelijk afgestemd arrangement met het oog op de behoefte aan verbetering van zijn zelfredzaamheid, zijn participatie of aan beschermd wonen of opvang, en of een aanvraag voor een maatwerkvoorziening moet worden gedaan. of de cliënt een bijdrage in de kosten verschuldigd is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel