Een voorziening kan slechts worden toegekend voor zover:
de belanghebbende niet of niet voldoende in eigen oplossing kan voorzien;
een algemene of collectieve voorziening geen of onvoldoende oplossing biedt, de voorziening niet algemeen gebruikelijk is, als goedkoopst compenserende voorziening aan te merken is;
de noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij het kortdurende hulp bij het huishouden betreft;
de belanghebbende zijn hoofdverblijf in de gemeente Nijkerk heeft;
de aanvraag geen betrekking heeft op kosten die belanghebbende voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of deze voorziening noodzakelijk was en als goedkoopst compenserend aan te merken valt;
een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft niet reeds eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is. Tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen, of tenzij belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 3
Aanspraak op individuele voorzieningen
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2013