Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van leges 2015

Leges worden, voor zover daarvoor niet reeds krachtens wettelijke bepalingen vrijstelling bestaat, niet geheven voor: diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald; diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets); het afgeven van stukken, nodig voor ontvangst van pensioenen, lijfrenten en andere periodieke uitkeringen; het afgeven van beschikkingen op aanvragen en bezwaarschriften ter zake van plaatselijke belastingen; de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikking of afschriften daarvan, houdende aanstelling, benoeming, bevordering, ontslag, toekenning van bezoldiging, vergoeding of toelage, dan wel verhoging hiervan, betrekkelijk enige gemeentelijke functie of dienstverlening jegens de gemeente; de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikking of afschriften daarvan, houdende een beslissing op een aanvraag om subsidie uit de kas van de gemeente; dienstverlening aan rijks- of provincieambtenaren, ambtenaren van hoogheemraadschappen of waterschappen in de uitoefening van hun functie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel