Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening hondenbelasting 2015

1.. In dit artikel wordt verstaan onder hondenasiel: aan één locatie gebonden ruimte of ruimtes bestemd voor het in bewaring houden van honden die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan door de eigenaar permanent afstand is gedaan, welke locatie als inrichting is aangemeld overeenkomstig artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren. 2.. De belasting wordt niet geheven ter zake van honden: die uitsluitend dienen om blinde personen te leiden; die door daarvoor bestemde organisaties als gehandicaptenhond aan een gehandicapte ter beschikking zijn gesteld; die in een hondenasiel verblijven; die uitsluitend ten verkoop in voorraad worden gehouden door een houder als bedoeld in artikel 3.6, tweede lid, voor zover het aantal meer dan twee bedraagt; met een leeftijd beneden de drie maanden, voor zover zij tezamen met de moederhond worden gehouden; waarvan de houder in het bezit is van een geldig diploma van de Koninklijke Nederlandse Politiehondenvereniging, mits de houder zich verbindt zijn hond met een geleider aan wiens bevelen hij gehoorzaamt, op aanvraag ter beschikking van de politie te stellen; waarvan de houder geen ingezetene van de gemeente is en de honden niet langer dan drie maanden van het belastingjaar in de gemeente verblijven; die uitsluitend worden gebezigd ten behoeve van de militaire dienst; die uitsluitend worden gebezigd ten behoeve van de politiedienst;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel