Aanvragen om een onttrekkingsvergunning als bedoeld in artikel 3 van de Huisvestingsverordening 1996 worden als volgt beoordeeld.
Een onttrekkingsvergunning zal slechts worden verleend indien:
op het moment van de aanvraag niet meer dan 10% van de tot bewoning bestemde gebouwen in de betreffende straat reeds onttrokken is aan het gebruik als zelfstandige woonruimte (onder ‘straat’ wordt verstaan: straat of straatdeel zoals aangeduid in de TPG-postcodering), én
het pand niet ligt in de buurten Veerallee, Stationsbuurt en Oud-Assendorp (buurtindeling conform CBS-indeling)