Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Taken en bevoegdheden Wmo-raad

Onderdeel van Verordening Wmo-raad gemeente Raalte 2015

1.. De Wmo-raad heeft tot taak: Het gevraagd en ongevraagd verstrekken van adviezen aan het college van B&W over het te voeren beleid op het gebied van maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in de Wmo (dit is exclusief individuele gevallen); vanuit het oogpunt van vragers naar maatschappelijke ondersteuning. Het college van B&W betrekt de Wmo-raad actief bij de voorbereiding van het beleid betreffende maatschappelijke ondersteuning, op de negen zogenoemde prestatievelden: Het bevorderen van de sociale samenhang in en leefbaarheid van dorpen, wijken en buurten. Op preventie gerichte ondersteuning van jeugdigen met problemen met opgroeien en van ouders met problemen met opvoeden. Het geven van informatie, advies en cliëntondersteuning. Het ondersteunen van mantelzorgers en vrijwilligers. Het bevorderen van deelname aan maatschappelijk verkeer en van het zelfstandig functioneren van mensen met een beperking of chronisch psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem. Het verlenen van voorzieningen aan mensen met een chronisch psychisch probleem en aan mensen met een psychosociaal probleem ten behoeve van behoud van hun zelfstandig functioneren of hun deelname aan het maatschappelijk verkeer. Het bieden van maatschappelijke opvang, waaronder vrouwenopvang. Het bevorderen van de openbare geestelijke gezondheidszorg, met uitzondering van het bieden van psychosociale hulp bij rampen. Het bevorderen van verslavingsbeleid. Het actief verzamelen van zoveel mogelijk relevante informatie omtrent maatschappelijke ondersteuning en de vragers naar maatschappelijke ondersteuning om de genoemde adviesfunctie zo goed mogelijk uit te kunnen voeren. Signaleren en adviseren over knelpunten in het overleg en samenwerking tussen organisaties, instellingen, groeperingen en personen die in of door de gemeente te maken krijgen of willen krijgen met maatschappelijke ondersteuning. 2.. Door het college van B&W wordt een termijn van zes weken aangehouden voor het door de Wmo-raad uit te brengen advies, zodat het uit te brengen advies van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit. Met instemming van de Wmo-raad kan worden afgeweken van deze termijn. 3.. Van de intentie tot het wel of niet overnemen door het college van B&W van een advies van de Wmo-raad, wordt de Wmo-raad binnen een termijn van 2 weken schriftelijk en met redenen omkleed op de hoogte gesteld. 4.. Het besluitvormende bestuursorgaan krijgt inzicht in de adviezen van de Wmo-raad. 5.. In het geval het college van B&W in een voorstel aan de Gemeenteraad, als bedoeld in artikel 3 van de Wmo, afwijkt van het advies van de Wmo-raad, wordt dit, met redenen omkleed, bij het voorstel vermeld. 6.. De Wmo-raad is niet bevoegd te adviseren over klachten, bezwaarschriften en andere zaken, voor zover die op individuele cliënten betrekking hebben. Evenmin heeft de Wmo-raad adviesrecht inzake het personeels- en organisatiebeleid van de gemeente. De Wmo-raad mag geen individuele cliënten bijstaan in rechtprocedures inzake de Wmo.

Rechtspraak bij dit artikel