Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 11.

Artikel 2:58

Verontreiniging door honden en paarden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Wijdemeren 2014

1.. De eigenaar of houder van een hond of paard is verplicht ervoor te zorgen dat die hond of dat paard zich niet van uitwerpselen ontdoet: op een gedeelte van de weg dat bestemd is of mede bestemd voor het verkeer van voetgangers; op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide; op een andere dan door het college aangewezen plaats. 2.. Het college kan plaatsen aanwijzen waar het verbod genoemd in het eerste lid, onder a niet geldt. 3.. De strafbaarheid wegens overtreding van het in het eerste lid gestelde gebod wordt opgeheven wanneer de eigenaar of houder van de hond of paard er zorg voor draagt dat de uitwerpselen onmiddellijk worden verwijderd. 4.. Het eerste lid is niet van toepassing op de eigenaar of houder van een hond die zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden.

Rechtspraak bij dit artikel