De exploitant betaalt als bijdrage in de kosten verband houdende
met het verlenen van medewerking aan het in exploitatie brengen
van gronden het bedrag dat volgens de in de begroting als
bedoeld in artikel 3, tweede lid onder e uitgewerkte wijze aan
zijn onroerende zaak wordt toegerekend. Dit bedrag wordt
vermeerderd met de kosten vallende op de afstand van de gronden
bestemd voor de aanleg en/of aanpassing van voorzieningen van
openbaar nut en de kosten van kadastrale uitmeting. Bedoeld
bedrag wordt verminderd met de inbrengwaarde van de bij de
exploitant in eigendom zijnde en voor exploitatie bedoelde
gronden en van de gronden welke zijn bestemd voor het treffen
van voorzieningen van openbaar nut die door exploitant aan de
gemeente worden afgestaan.
De waarde van de in het eerste lid bedoelde grond die door de
exploitant is ingebracht wordt door de gemeente en de exploitant
gezamenlijk door middel van taxatie vastgesteld. Indien hierover
geen overeenstemming kan worden bereikt, wordt deze waarde
vastgesteld door een commissie van drie deskundigen, van wie één
aan te wijzen door de gemeente, één door de exploitant en een
derde door de beide reeds aangewezen deskundigen of, indien zij
het daarover niet eens kunnen worden, door de terzake bevoegde
kantonrechter.
Indien de exploitant zelf conform artikel 6, derde lid, onder e
voorzieningen van openbaar nut aanlegt bestaat de
exploitatiebijdrage uit de bijdrage, zoals deze op grond van het
eerste lid van dit artikel wordt bepaald, verminderd met de
kosten van de door exploitant uit te voeren werkzaamheden,
voorzover deze kosten corresponderen met de begroting van kosten
zoals bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder e.
HOOFDSTUK 2
Artikel 5
Vaststelling exploitatiebijdrage
Onderdeel van EXPLOITATIEVERORDENING BLOEMENDAAL 2004