Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6. › Paragraaf 2.

Artikel 44.

Hoogte individuele inkomenstoeslag

Onderdeel van Verordening op het sociaal domein Kaag en Braassem 2015

1.. Een individuele inkomenstoeslag wordt berekend op basis van de norm genoemd in artikel 21 onderdeel b van de Participatiewet en bedraagt per 12 maanden afgerond in hele euro’s voor: a. alleenstaanden:  60% van de voor hen geldende bij als bedoeld in artikel 21 onder a van de Participatiewet;snorm als bedoeld in artikel 21 onder a van de Participatiewet; b. alleenstaande ouders: 70% van de voor hen geldende bijstandsnor als bedoeld in artikel 21 onder a van de Participatiewet; bedoeld in artikel 21 onder a van de Participatiewet; c. gehuwden:   40% van de voor hen geldende bbedoeld in artikel 21 onder b van de Participatiewet.ijstandsnorm als bedoeld in artikel 21 onder b van de 2.. Als één van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13 van de Participatiewet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden met inachtneming van artikel 32 lid 3 van de Participatiewet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel