Naar hoofdinhoud

Artikel 12.

Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Borger-Odoorn 2015

Algemeen 1.. Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb’s. Individuele voorziening jeugdhulp 2.. Onverminderd artikel 8.1.2 van de Jeugdwet doet een jeugdige of zijn ouders aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening jeugdhulp. 3.. Onverminderd artikel 8.1.4 van de Jeugdwet, kan het college een beslissing voor een individuele voorziening jeugdhulp herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: de jeugdige of zijn ouders onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; de jeugdige of zijn ouders niet langer op een individuele voorziening of het pgb jeugdhulp zijn aangewezen; de individuele voorziening of het pgb jeugdhulp niet meer toereikend is te achten; de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden van de individuele voorziening of het pgb jeugdhulp, of de jeugdige of zijn ouders de individuele voorziening of het pgb jeugdhulp niet of voor een ander doel gebruikt. 4.. Een beslissing tot verlening van een pgb jeugdhulp kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen 6 maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 5.. Als het college een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens door de jeugdige of zijn ouders opzettelijk heeft plaatsgevonden kan het college van degene die opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens heeft verschaft, geheel of gedeeltelijk geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten individuele voorziening of het ten onrechte genoten pgb jeugdhulp; Maatwerkvoorziening maatschappelijke ondersteuning 6.. Onverminderd artikel 2.3.8 van de Wmo 2015 doet een cliënt aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de Wmo 2015; 7.. Onverminderd artikel 2.3.10 van de Wmo 2015 kan het college een beslissing als bedoeld in artikel 2.3.5 of 2.3.6 van de Wmo 2015 herzien dan wel intrekken als het college vaststelt dat: de cliënt onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; de cliënt niet langer op de maatwerkvoorziening of het pgb maatschappelijke ondersteuning is aangewezen; de maatwerkvoorziening of het pgb maatschappelijke ondersteuning niet meer toereikend is te achten; de cliënt niet voldoet aan de aan de maatwerkvoorziening of het pgb maatschappelijke ondersteuning verbonden voorwaarden, of de cliënt de maatwerkvoorziening of het pgb maatschappelijke ondersteuning niet of voor een ander doel gebruikt. 8.. Een beslissing tot verlening van een pgb maatschappelijke ondersteuning kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen 6 maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 9.. Als het college een beslissing op grond van het zevende lid, onder a, heeft ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige gegevens door de cliënt opzettelijk heeft plaatsgevonden kan het college van de cliënt en degene die daaraan opzettelijk zijn medewerking heeft verleend, geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening of het ten onrechte genoten pgb maatschappelijke ondersteuning. 10.. Ingeval het recht op een in eigendom verstrekte voorziening maatschappelijke ondersteuning is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd. 11.. Ingeval het recht op een in bruikleen verstrekte voorziening maatschappelijke ondersteuning is ingetrokken, kan deze voorziening worden teruggevorderd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel