**1..** In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald:
bij niet-automatische incasso:
in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede een maand later;
bij automatische incasso:
in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog niet geëindigde maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen tenminste vier en maximaal tien bedraagt.
**3..** Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de invorderingsweg 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete zijn de voorgaande leden van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de aanslag.
**4..** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijn.
Artikel 8
– Termijnen van betaling
Onderdeel van VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN EEN FORENSENBELASTING EIJSDEN-MARGRATEN 2015