De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:
1. door degene die:
a. als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of
verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of
van ouden van dagen verblijft;
b. verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter zake van
het verblijf in of het ter beschikking houden van die woning
forensenbelasting is verschuldigd;
2. waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de
heffing en invordering van watertoeristenbelasting;
3. van een asielzoeker, zijnde een vreemdeling als bedoeld in artikel 15,
eerste lid, van de Vreemdelingenwet, die een asielverzoek heeft ingediend
waarover nog geen onherroepelijke beslissing is genomen, van degene die
een asielverzoek heeft ingediend waarop negatief is beslist en van een
verblijfsgerechtigde, die op basis van artikel 9, 10 of 15 van voornoemde
wet een verblijfsvergunning heeft, voor zover deze personen verblijf houden
in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2, in het kader van de centrale
opvang onder verantwoordelijkheid van het ZBO Centrale Opvang
Asielzoekers.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting Drechterland 2006