Het college weigert een woonvoorziening indien:
de ondersteuningsbehoevende zijn hoofdverblijf niet heeft of zal
hebben in de woonruimte waarvoor de voorziening aangevraagd
is;
de voorziening aangevraagd is op een moment dat op basis van
leeftijd, gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat
deze voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van
een onverwacht optredende noodzaak;
de beperking of het probleem voortvloeit uit de aard van de in
de woning gebruikte materialen;
de voorziening betrekking heeft op een hoger niveau dan het
niveau van voorzieningen in de sociale woningbouw;
er geen rechtstreeks oorzakelijk verband bestaat tussen de
beperking of het probleem en een of meer bouwkundige of
woontechnische kenmerken van woning;
de beperking of het probleem niet in de woning zelf (waartoe ook
de toegankelijkheid van de woning wordt begrepen) wordt
ondervonden;
de noodzaak tot het treffen van deze voorziening het gevolg is
van een verhuizing waartoe op grond van belemmeringen bij het
normale gebruik van de woning ten gevolge van ziekte of gebrek,
inclusief chronisch psychische of psychosociale
problemen,geen aanleiding bestond en er geen belangrijke
reden aanwezig was;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en deze verhuizing
dan wel de acceptatie van de nieuwe woning heeft plaatsgevonden
voordat het college een besluit heeft genomen naar aanleiding
van de aanvraag, tenzij het college schriftelijk toestemming
heeft verleend voor die verhuizing of die acceptatie;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en de
ondersteuningsbehoevende niet verhuist naar de voor hem op dat
moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij het college
schriftelijk toestemming heeft verleend voor de verhuizing;
de aanvraag een voorziening betreft voor verhuis-en
inrichtingskosten en de ondersteuningsbehoevende voor het eerst
zelfstandig gaat wonen.
de aanvraag verband houdt met een verhuizing en de
ondersteuningsbehoevende verhuist naar een woning die niet
geschikt is om het hele jaar door bewoond te worden;
de aanvraag verband houdt met een verhuizing naar een
AWBZ-instelling;
de aanvraag betrekking heeft op een voorziening in een
AWBZ-instelling, hotels/pensions, trekkerswoonwagens,
vakantiewoningen en tweede woningen.
de te treffen voorziening bij (nieuw)bouw of renovatie zonder
noemenswaardige meerkosten meegenomen kan worden;
Hoofdstuk 4
Artikel 4.2
- Beperkingen en weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening maatschappelijke Ondersteuning gemeente Oirschot