1. Een cliënt kan een bijdrage in de kosten verschuldigd zijn:
a. voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning, en,
b. voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang hij van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, of tot de gehele kostprijs door cliënt is betaald, overeenkomstig het Besluit maatschappelijke ondersteuning, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot.
2. Het college kan bij nadere regeling bepalen:
a. voor welke algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning, de cliënt een bijdrage is verschuldigd;
b. wat per soort algemene voorziening de hoogte van deze bijdrage is; en
c. dat de bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is afgewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.
3. Het college bepaalt bij nadere regeling:
a. op welke wijze de kostprijs van een maatwerkvoorziening en pgb wordt bepaald, en
b. door welke andere instantie dan het CAK in de gevallen bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb worden vastgesteld en geïnd.
Hoofdstuk 4
Artikel 12
Regels voor bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen en algemene voorzieningen
Onderdeel van Wmo Verordening gemeente Eersel 2015