**1..** Mandaat kan worden verleend, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is
bepaald of de aard van de bevoegdheid zich tegen de mandaatverlening
verzet.
**2..** Indien de uitoefening van de in de mandaatregister opgenomen mandaten en
volmachten het beslissen over de besteding van budgetten met zich
meebrengt, maakt dit onderdeel uit van het vermelde mandaat of volmacht.
Dit voor zover daarbij de te nemen besluiten niet zullen leiden tot
overschrijding van het betreffende budget zoals opgenomen in de
gemeentebegroting en de daarop gebaseerde budgetprotocollen en voorts
met inachtneming van de in het register opgenomen bijzondere
bepalingen.
**3..** Een verleend mandaat heeft niet alleen betrekking op de opgedragen
bevoegdheid in strikte zin, maar ook op alle voorbereidingshandelingen
en andere handelingen en rechtshandelingen die moeten worden verricht in
het kader van de uitoefening van de opgedragen bevoegdheid.
**4..** Van de verleende mandaten mag geen gebruik worden gemaakt voor zover het
gaat om: a. het beslissen op een bezwaarschrift, tenzij hierin
uitdrukkelijk is voorzien bij de verlening van het mandaat; b. het nemen
van een besluit in afwijking van een beleidsregel als bedoeld in artikel
4:84 van de Awb; c. het nemen van een besluit in afwijking van een
wettelijk verplicht advies; d. het nemen van een besluit dat niet past
binnen het daarvoor bestemde budget of investeringskrediet; e. het nemen
van een besluit waarop artikel 169, vierde lid van de Gemeentewet van
toepassing is; f. het nemen van een besluit waarbij de gemandateerde een
persoonlijke betrokkenheid heeft.
**5..** In de volgende gevallen legt de gemandateerde of gevolmachtigde de
kwestie in ieder geval ter beoordeling aan het bestuursorgaan voor,
onverminderd het bepaalde in artikel 10:3, tweede lid, van de Awb:
indien het voornemen bestaat tot aanvulling of afwijking van het
tot dan gevoerde beleid of tot vaststelling van nieuw
beleid;
indien niet begrote financiële of andere belangrijke
consequenties zijn te verwachten of anderszins een aanmerkelijk
beslag op financiële middelen is te verwachten;
bij weigering tot afgifte van een beschikking of anderszins een
negatieve beslissing, tenzij hierin uitdrukkelijk is voorzien
bij de verlening van het mandaat;
bij mogelijke strijdigheid met bestaand beleid, richtlijnen,
voorschriften en dergelijke;
indien de schijn van vooringenomenheid kan worden gewekt,
waaronder in ieder geval moet worden verstaan het nemen van een
besluit door de gemandateerde ten aanzien van de gemeente;
indien de ambtelijke adviezen die ten grondslag liggen aan het
besluit niet eensluidend zijn;
indien er twijfel bestaat of de aard van de bevoegdheid zich
tegen de mandaatverlening verzet.
**6..** Ingeval op basis van het bepaalde in het vijfde lid een te nemen besluit
wordt voorgelegd aan het bestuursorgaan, neemt het bestuursorgaan het
besluit zelf of laat hij het nemen van het besluit alsnog over aan de
gemandateerde, eventueel onder het geven van nadere instructies of
aanwijzingen.
**7..** Stukken gericht aan de Kroon, de Minister, Staatssecretaris, Commissaris
van de Koningin en Gedeputeerde Staten, worden ondertekend door het
bestuursorgaan, behoudens zaken met een routinematig karakter.