Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 11

Aanvraag en verlening

Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Maastricht 2015

1.. De aanvraag voor subsidieverlening wordt uiterlijk 26 weken voorafgaand aan het boekjaar ingediend bij burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders kunnen van deze termijn ontheffing verlenen. 2.. De aanvraag van de subsidie gaat in ieder geval vergezeld van: een activiteitenplan of een prestatieplan, tenzij naar het oordeel van burgemeester en wethouders daaraan geen behoefte bestaat, en een begroting, tenzij deze voor de berekening van het bedrag van de subsidie niet van belang is 3.. De begroting behelst een overzicht van de voor het boekjaar geraamde baten en lasten van de aanvrager, voor zover deze betrekking hebben op de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd. De begrotingsposten worden ieder afzonderlijk van een toelichting voorzien. 4.. Indien de aanvrager voor de eerste maal een aanvraag indient, gaat de aanvraag voorts vergezeld van: een afschrift van de oprichtingsakte van de rechtspersoon dan wel van de statuten zoals deze laatstelijk zijn gewijzigd, en de laatst opgemaakte jaarrekening als bedoeld in artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek dan wel de balans en de staat van baten en lasten en de toelichting daarop of, indien deze bescheiden ontbreken, een verslag over de financiële positie van de aanvrager op het moment van de aanvraag. 5.. Na vaststelling van de gemeentebegroting beslissen burgemeester en wethouders zo spoedig mogelijk op de aanvraag om subsidieverlening. De beslissing wordt uiterlijk voor aanvang van het boekjaar aan de aanvrager bekend gemaakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel