Naar hoofdinhoud

Paragraaf 1.1

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beleidsregels debiteurenbeleid

Alle begrippen die in deze regeling worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning, het Bijstandsbesluit zelfstandigen, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen, de Algemene wet bestuursrecht en het Burgerlijk Wetboek. In deze regeling wordt verstaan onder: Aangiftegrens: de grens waarboven aangifte gedaan dient te worden bij de officier van justitie, als er sprake is van bijstandsfraude. Aangifte wordt gedaan als het bedrag van de fraude gelijk is aan of meer bedraagt dan € 10.000,00. Dit criterium voor een strafrechtelijke afdoening is neergelegd in de frauderichtlijn van de procureurs-generaal. Awb: de Algemene wet bestuursrecht. Achtergestelde vordering: een vordering waarvan de aflossingsverplichting pas ingaat op het moment dat andere vorderingen zijn voldaan. Aflossingscapaciteit: de financiële ruimte voor de aflossing van een vordering. Debiteur: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken, als een gehuwde betreft, wordt onder debiteur elk van de echtgenoten verstaan. Bbz 2004: Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004. College: het college van burgemeester en wethouders van Dronten. Debiteuren: personen die aan de gemeente gelden verschuldigd zijn (schuldenaren). Debiteurenonderzoek: eerste onderzoek naar de betalingsmogelijkheden en/of afloscapaciteit van de debiteur. Debiteuren heronderzoek: periodiek uitgevoerd onderzoek naar de betalingsmogelijkheden en/of afloscapaciteit van de debiteur. k. Debiteuren(her)onderzoeksplan: het plan waarin de regels zijn opgenomen die gelden ten aanzien van het uit te voeren (periodieke) onderzoek naar de mogelijkheden om de inning van een vordering te maximaliseren, c.q. aan te passen aan de feitelijke omstandigheden van de debiteur. Hier onder wordt eveneens begrepen het onderzoek naar het betalingsgedrag van de debiteur. Inlichtingenverplichting: de verplichting als bedoeld in artikel 17, eerste lid van de Participatiewet, artikel 13 van de Ioaw en de Ioaz of artikelen 30c, 5 tweede en derde lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, (Wet Suwi). Ioaw: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers. Ioaz: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen. Onverschuldigde betaling: aan personen gedane betalingen, zonder dat daarbij een rechtsgrond krachtens de Wwb en/of de Participatiewet aanwezig was. Rv: Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Signaal: relevante informatie van de debiteur die bijstand ontvangt waaruit kan worden afgeleid dat op grond daarvan terstond actie moet worden ondernomen om de hoogte van de bijstand aan te passen. Verhaalsbijdrage: kosten van bijstand die worden verhaald op een onderhoudsplichtige, zoals bedoeld in artikel 62 e.v. van de Participatiewet. Verwijtbaar gedrag: Schending van inlichtingenplicht, dan wel schending van andere aan de uitkering verbonden verplichtingen, dan wel gedragingen waarvoor een boete dan wel een maatregel is opgelegd. Wwb: de Wet werk en bijstand. WSNP: Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Participatiewet: de Participatiewet. Wmo: de Wet maatschappelijke ondersteuning

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel