Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 4.2

Artikel 64.

Gedeeltelijke kwijtschelding bij schuldregeling

Onderdeel van Beleidsregels debiteurenbeleid

1.. Op verzoek van debiteur kan worden besloten geheel of gedeeltelijk van (verdere) invordering van bijstand, inkomen of uitkering af te zien, indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: redelijkerwijs te voorzien is dat de debiteur niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden, en redelijkerwijs te voorzien is dat een schuldregeling met betrekking tot alle vorderingen van de overige schuldeisers zonder een zodanig besluit niet tot stand zal komen, en de vordering van de gemeente wegens teruggevorderde bijstand, inkomen of uitkering ten minste zal worden voldaan naar evenredigheid met de vorderingen van de schuldeisers van gelijke rang, en het verzoek tot medewerking aan een schuldsanering /-bemiddeling wordt ingediend door een bij het NVVK aangesloten schuldbemiddelingsorganisatie, of een Nederlandse gemeente. 2.. Indien het een fraudeschuld betreft, wordt geen kwijtschelding verleend. 3.. Het besluit tot het gedeeltelijk afzien van terugvordering of tot het gedeeltelijk afzien van verdere terugvordering treedt niet in werking voordat een schuldregeling overeenkomstig het eerste lid tot stand is gekomen.

Rechtspraak bij dit artikel